Donderdag 21 maart 2019
Twentesport

De Week: ‘Die finale, daar mogen we echt van genieten’

Geplaatst op 15 februari 2019 door   ·   1 Reactie

BORNE – Jeanine Stoeten (Hengelo, 1991) staat zondagmiddag met de volleybalvrouwen van Apollo 8 in de landelijke bekerfinale tegen Sliedrecht Sport. Daarnaast is ze met haar team nog volop in de race voor lijfsbehoud op het hoogste niveau van Nederland, dat als volleybalnatie internationaal serieus meetelt, met een zevende plek op de wereldranglijst.

Oranje is haar kleur niet meer, maar voor het rood-zwart van de Bornse volleybaltrots gaat ze de strijd nog altijd met al haar passie, kwaliteiten en ervaring aan.

Die bekerfinale is natuurlijk prachtig, en daarover straks meer, maar de competitie is misschien wel veel belangrijker. Hoe groot acht je de kans dat jullie het gaan redden, met nog vier wedstrijden tegen de directe concurrenten Pharmafilter en Dros-Alterno, en waarom denk je dat?
‘We starten als eerste in de zogenaamde ‘degradatiepoule’. Dros-Alterno en Pharmafilter staan onder ons. Dat betekent dat we met twee bonuspunten beginnen. Die moesten we afgelopen weekend nog veiligstellen, maar dat is gelukkig gelukt. We hebben daarom al een klein streepje voor op onze twee concurrenten. Als ik naar de kwaliteit van de teams kijk, denk ik dat het best spannend kan worden. Pharmafilter heeft het tot nu toe aanzienlijk minder gedaan, maar je ziet wel een stijgende lijn bij die ploeg. Ze hebben hun vizier natuurlijk al lange tijd op deze fase gericht. Ook Alterno is wisselvallig, maar laat ook een opgaande curve zien gedurende het seizoen. Ze snoepten vorig weekend nog een set van Eurosped af, en dat is toch de nummer twee. Ik denk dat het spannend wordt, maar dat het zeker haalbaar is voor ons om ons veilig te spelen. Uiteindelijk denk ik echt dat we in staat zijn van beide teams te winnen, als we ons tactisch plan goed uitvoeren en onze eigen foutenlast laag weten te houden.’

Oké, dan nu zondag naar Zwolle. Er gaan bijna driehonderd fans mee, hoe mooi is dat? En wat zegt dat over jullie status in Borne?
‘Dat is natuurlijk super! Er waren al heel snel drie hele bussen vol die mee zouden gaan naar Zwolle. Dan komen daar nog de mensen bij die op eigen gelegenheid gaan. Dat geeft aan dat het leeft in Borne, maar ook dat men zich betrokken voelt bij het team en bij de club. Dat is heel gaaf om te zien. Het uit zich trouwens ook rondom onze thuiswedstrijden, waarbij ontzettend veel vrijwilligers hun steentje bijdragen om alles elke keer goed geregeld te hebben. Erg gaaf om zondag met zoveel supporters in Zwolle aan te komen.’

Waarom mag jullie nieuwe aanwinst Carlijn Oosterlaken meteen meespelen? Kent het volleybal geen transferperiode?
‘Carlijn speelt nu al anderhalve maand met ons mee. Er is wel een transferperiode, volgens mij loopt die tot februari, maar daar houd ik me eigenlijk niet zo mee bezig. Wel mooi dat met het verlies van Antoinette Posthuma, die vanwege een blessure lang uit de running zal zijn, iemand is aangetrokken die ook gelijk inzetbaar was en is. Dat hadden we natuurlijk ook wel nodig, en daar is goed op ingespeeld.’

Je scoorde 22 keer tegen FAST, hoe lekker is dat?
‘Tegen FAST speelden we nog een belangrijke wedstrijd. We moesten drie punten pakken, dus met 3-0 of 3-1 winnen, om eerste in de degradatiepoule te worden. Er stond dus wel wat op het spel. Het is natuurlijk fijn dat ik dan op die manier mijn steentje bij kan dragen. Ons plan om veel op midden te spelen tegen deze tegenstander konden we goed uitvoeren. Daar gaan natuurlijk veel acties van mijn medespeelsters aan vooraf, dus we hadden het collectief gewoon goed staan en dat is altijd fijn.’

Je was full prof in Aken, mis je dat bestaan?
‘Klopt, de afgelopen twee seizoenen speelde ik in Aken. Daar is volleybal nog wat professioneler georganiseerd, is de competitie een stuk sterker en train je dus ook meer. Ik mis het soms wel, maar dan vooral de stad en de mensen. Ik heb me daar twee jaar erg thuis gevoeld. Het typische ‘sportleventje’ mis ik niet echt, dat bestaat namelijk vooral uit trainen en rusten/slapen. Dat was ook een van de redenen dat ik er ben gestopt: ik wilde me ook op andere vlakken ontwikkelen. Wat ik wel mis is het niveau in Duitsland. Dat ligt echt een stuk hoger dan in Nederland, en daardoor zijn de wedstrijden gaaf om te spelen. Je trekt je er toch aan op als je met en tegen goede speelsters speelt. Ook de sfeer in Duitse sporthallen is gaaf. Er zitten vaak wel zo’n 1.500 supporters, en dat geeft wel een kick natuurlijk.’

Je koos vorig jaar voor je maatschappelijke carrière als psychologe, hoe kun je dat combineren met je sportieve ambities?
‘Ik ben inderdaad terug gekomen naar Nederland om me ook maatschappelijk te gaan oriënteren en ontwikkelen. Ik wil vooral onderzoeken wat ik leuk vind en waar ik mijn maatschappelijke carrière op wil gaan richten. Mijn studies zijn vrij breed, waardoor ik nog veel kanten op kan. Het combineren met Apollo gaat goed en in overleg. Tot nu toe kan ik het goed combineren. We trainen ook altijd aan het einde van de dag of in de avond, dus dan hoef je er overdag eigenlijk weinig rekening mee te houden.’

Je hebt twee masters gedaan: gezondheidswetenschappen en positieve psychologie, met welke discipline ben je verder gegaan?
‘Klopt. Ik heb een tijdje gewerkt bij een bedrijf dat veel doet met psychologie, gedrag van mensen en het inzicht bieden in gedrag. Dat was leuk, maar ik wilde ook nog even verder kijken. Ik ben me nu aan het oriënteren op eventuele traineeships waarbij leren en werken wordt gecombineerd. Het lijkt me leuk om nog veel nieuwe dingen bij te leren. In wat voor organisatie dat wordt en in welke rol precies, dat kan eigenlijk nog alle kanten op.’

Laatste vraag: wat wordt het zondag?
‘In ieder geval een heel bijzondere dag! Het is gewoon super dat we er staan, en daar mogen we echt van genieten. Het leuke aan de beker is dat het niet zoveel uit maakt dat Sliedrecht op papier misschien meer kwaliteit heeft dan wij, want het gaat echt om een wedstrijd, de vorm van de dag, wie kan het beste met de druk omgaan, hoeveel veerkracht heb je et cetera. Het is dus een hele andere wedstrijd dan een normale competitiewedstrijd. Dat is leuk, want alles is dus mogelijk. Ik denk in ieder geval dat het een spannende strijd wordt, en dan zeg ik: 3-2 winst voor ons!’

Delen is sportief

Reacties (1)




Archief