Zondag 15 december 2019
Twentesport

Jungleman

Geplaatst op 29 oktober 2019 door   ·   Geen reacties

Jonge zoogdieren buitelen over elkaar heen, doen achtervolgingsspelletjes, vechten en ravotten. Aldus zijn wij bij de oorsprong van sport: het is niet meer dan gekheid, bedoeld als voorbereiding op de jacht. Dat nu is gespeend van enig spel, want het gaat dan immers om het voortbestaan van het individu. Nu gaan wij al heel lang niet meer op jacht, enkele merkwaardige figuren uitgezonderd die genoegen scheppen in het overhoop knallen van hazen en konijnen. Een laf gebeuren, afgezet tegen het tegemoet treden van een holenbeer met niet anders dan een thuisgemaakte speer.

Deze tijd ligt reeds ver achter ons, wat niet wegneemt dat de natuur ons genoeg te bieden heeft om van sport slechts bijzaak te maken. Ik doel op het land. Meer in het bijzonder: de tuin. Vanzelfsprekend ga ik voorbij aan stukjes grasveld, fors tegelwerk en een border vol eenjarig bloemgoed. Aan de andere kant: de tuin hoeft niet groot te zijn om genoeg uitdagingen te bieden. Ik denk hierbij vooral aan onze eigen tuin. De wederhelft gelooft in een vogelvriendelijke tuinopzet. Dat wil zoveel zeggen, dat de eertijds gepote haagbeuk, esdoorn en aanverwant gewas nimmer in groei beknot is geweest. Dat geldt ook voor de spontaan ontsprongen klimplanten, varens en zelfs bamboe. Het groeit tegen de verdrukking in.

De gevederde vrienden, maar ook egel, muis en – naar wij vermoeden – eekhoorn en zelfs boommarter voelen zich hier uitermate senang. Zeker zijn wij niet, aangezien de inmiddels zeer dichte bosschage het zicht op het ongerepte leven ontneemt. Wanneer wij ons moeizaam een weg banen door ons struweel, horen wij exotisch roepen, fluiten en grommen, maar of het hier om buurtgenoten gaat die aan het barbecueën zijn of jongeren die hutten bouwen op ons land: het zou zo maar kunnen.

Goed, ik ben afgelopen zaterdag, gewapend met snoeitang en zaag, doorgedrongen tot wat ik vermoed dat het de grenzen van onze tuin zijn. Vervolgens ben ik, binnen de geringe ruimte die ik had om het tuingereedschap in stelling te brengen, gaan snoeien. Hier bleek het nut van intensieve oefening in de fitnessruimte en van de duurconditie buiten. Hout splinterde onder mijn krachtige bijlslagen, bomen pletten struiken na het zagen, takken verdwenen na het snoeien tussen het struikgewas. Kleren plakten aan mijn zweterige lijf, maar ik besefte: hiervoor dient het sporten, dankzij mijn regelmatig oefenen van lijf en leden kan ik dit geploeter aan in de jungle die onze tuin is.

Onder de krassen van doornenstruiken, gebeten door onbekende insecten en met opengehaalde handen vanwege het gebruik van het mij ten dienste staande gereedschap, keerde ik na deze zware maar bevredigende arbeid uit de schoot van moeder aarde terug naar de beschaving.

Een middag in de fitnesszaal had mij niet meer voldoening gegeven. Wel aanmerkelijk minder wonden realiseer ik mij nu. Ach, laat die tuin toch groeien. De natuur regelt het wel.

Erik Endlich

Delen is sportief

Reacties (0)




Archief