Donderdag 19 september 2019
Twentesport

NK 2019

Geplaatst op 21 mei 2019 door   ·   Geen reacties

In Gouda werd het afgelopen weekend het NK Atletiek voor masters gehouden. Vroeger heette dat de Nederlandse Veteranenkampioenschappen. Maar “master” is, behalve een internationaal begrip, een woord dat suggereert dat je met iemand van doen hebt, voor wie de beoefende discipline geen geheimen kent. Een master doet denken aan een in de woeste binnenlanden van een exotisch land vertoevende monnik, die een enkele broodmagere leerling aanneemt en deze na jaren van toegewijde en noest arbeid transformeert tot een onverslaanbare en zelfbewuste vechtmachine. Zoiets.

Afijn, ik mocht meedoen. Zeker was dat niet, want ik had de afgelopen jaren nimmer aan een speerwerp- of hoogspringwedstrijd meegedaan, dus ik kon niet bewijzen dat ik mijn mannetje stond. Volgens de uitgebreide reglementen kregen atleten die een recente en niet al te laffe prestatie hadden geleverd, voorrang. Maar men accepteerde mij. Een klein wonder. Weer andere reglementen waarschuwden voor de mogelijkheid van een dopingcontrole, grote reclame-uitingen moesten worden afgeplakt (heus waar) en zowel spikelengte als het gewicht van speer werd telkens weer gecontroleerd.

Vervolgens begon ik op zondagochtend in mijn uppie te oefenen op de atletiekbaan. Dat had wel iets romantisch, om in afzondering te oefenen op hoogspringmat en met speer. Veel vertrouwen gaf dat overigens niet, want ook na twee maanden buffelen had ik nauwelijks progressie geboekt.

De wederhelft ging mee, samen met ons duo luidruchtige honden, zodat de aanmoedigen niet van de lucht zouden zijn. Vooral bij het passeren van een andere hond.

Het was een wonderlijk gebeuren daar, want zowel zeer atletische jonkies van 35 tot en met stramme hoogbejaarden van 80 jaar en ouder renden, sprongen en wierpen. Opvallend was overigens, dat vooral de werpnummers fors bezet waren. Blijkbaar kun je ook op gevorderde leeftijd nog probleemloos een flink eind smijten. Mocht u nog een hobby zoeken.

Ik begon te speerwerpen, wat een langdurig onderdeel was aangezien je vijf keer mocht werpen – met z’n vijftienen. Een apart slag, die speerwerpers. Bonkig gebouwd, hoekig van karakter. Met mijn schonkige gestalte en blije inborst was ik de atypische werper, die – naar later bleek – een metertje te kort kwam voor het brons. De verwachte uitschieter, waarbij je een milliseconde na de afworp weet dat het goed zit, bleef uit.

Vervolgens mocht ik weer een half uurtje met lotgenoten in de callroom zitten. Weer zo’n regel waar niet aan te tornen viel.

Hoogspringers zijn, zo bleek, toffe atleten: elkaar aanmoedigen, aanwijzingen geven, lol maken – maar ook respect hebben voor ieders concentratie. Ik ben geen man van concentratie. Ik wandel naar mijn merkteken, wacht plichtmatig een seconde – en begin aan de aanloop. Anderen staat bijna een minuut in het niets te staren, slaan op de onderbenen, wiebelen, trekken aan hun neus en broekje: volledig in zichzelf gekeerd. Mooi om te zien.

Overigens won ik. Mooi weer, aardige mensen: hoe prachtig sport kan zijn.

Erik Endlich

Delen is sportief

Reacties (0)




Archief